ontremd

Door Thomas Verbogt, gepubliceerd in de 3e editie, The Walls Have Ears.

Soms zijn dingen zo lelijk, ja, zo zielig dat ze daarom alleen al voor altijd bestaansrecht hebben. Zo kocht ik lange jaren geleden in een onbeschrijfelijke winkel een kaketoe van plastic. Met een lamp erin. Het was een onweerstaanbare kwestie. Het dier heeft een ereplaats in mijn huis. Waar ik ook zit in mijn woonkamer, ik zie de kaketoe. En ’s avonds dus de kaketoe als lamp. Heel geruststellend is dat.
Als bij de kaketoe muziek zou horen, was het Almost in Love, een plaat van Elvis die ik dertig jaar niet kende, en die ik een tijdje geleden cadeau kreeg van één van de beheerders van dit fijne tijdschrift. Een aantal lelijke platen koester ik. Deze hoort erbij. Heerlijk. Het woord allegaartje is hier te klein en krachteloos.
Ergens heb ik de overtuiging dat er over alles is nagedacht. Wanneer er iets op de markt komt, is er daarvoor over vergaderd. Vaak probeer ik een idee te hebben van dat soort vergaderingen. Waarschijnlijk had de manager van Elvis het laatste woord, maar voordat dit werd uitgesproken, moet er toch nog meer gezegd zijn. Bijvoorbeeld: “Wat denken we ervan: Almost in Love titelnummer?”
“Jongens, alsjeblieft, doet er toch niet toe!”
“Misschien is het een goed idee om na Almost in Love…”
“Waar is dat ook alweer uit?
“Uit dinges, kom… Ja, uit Live a Little, Love a Little.”
“Alsjeblieft nog ’n keer zeggen! Wat is daarmee?”
“Niks. Maar we zetten daar Long Legged Girl achteraan.”
“Waarom?”
Dan roept de manager van Elvis dat hij vandaag nog twintig afspraken heeft. En zo gingen tien vrij lelijke nummers een ding vormen.
En ik heb het in huis.
Als er mensen komen eten en ik in de keuken in de weer ben, moeten ze naar deze plaat luisteren. Dan is daarna alles aangenaam. Gelukkig staat het hoogtepunt op het eind: Stay Away. Een verbijsterende variant van het oer Britse Greensleeves. Ik ken iemand die versies van Greensleeves verzamelt. Ik heb er maar een paar. De ergste en tegelijkertijd fascinerendste is van The Scorpions. Niet die Duitse band, maar die uit Manchester. Van Hello Josephine. Zanger Peter Lewis kon een beetje brakend zingen. En schreef een uiterst beroerde nieuwe tekst.
Met de zang van Elvis in Stay Away is niets mis, hoewel ik hem wel eens in betere vorm heb gehoord, maar het is met name het arrangement. De persoon die daarvoor verantwoordelijk was, had ik graag aan het werk gezien in zijn ideeënhoekje. Ik stel me een volstrekt ontremde zonderling voor. Hij moet ook door iets of iemand op zijn hielen zijn gezeten. Misschien was het wel therapie. Jammer, dat we hierover zo weinig weten.
Net zoals het jammer is dat we nooit horen hoe Elvis op zo’n plaat reageerde. Er moet een moment geweest zijn waarop deze compilatie hem onder ogen kwam. Misschien had hij wel onmiddellijk iets anders en belangrijkers te doen, maar we moeten het niet volkomen uitgesloten achten dat hij Almost in Love beluisterde. Ik denk aan de schaamte die hij gevoeld moet hebben.
Ik denk trouwens vaak aan de schaamte van Elvis Presley.