‘KENNISMAKING MET HET AMERIKA VAN ELVIS’ UIT ‘NOTHINGVILLE’, UITGAVE 18 ALMOST IN ELVIS

Hieronder staat een fragment uit het eerste hoofdstuk van Nothingville, 18e uitgave in de reeks Almost in Elvis. Laat u zich gerust meeslepen in de sfeer van Nothingville.
Iedereen kent het Amerika van Elvis Presley, nietwaar? Het is het land van lijkenpikkers, dollarjagers, negerhaters, sensatiekranten, gokpaleizen, medicijnmisbruik, oppervlakkigheid, reisvrees, wapengekletter, slechte films, rock-‘n-roll, grootheidswaanzin en van compensatiedrift vergeven wolkenkrabbers.Achterkant Nothingville
Nu ik wekenlang – zowel denkbeeldig als echt – door dit immense land heb rondgedwaald, weet ik: het Amerika van Elvis is anders.
De moderne mens, niet wars van vooroordelen, wordt graag bevestigd in zijn denkbeelden. Wel zo comfortabel en veilig. De Brit houdt van gitaarwerk en chagrijnige zangpartijen, de Fransman praat graag door de muziek heen, de Duitser dicht zich suf en zingt zijn humorloosheid tegemoet, de Chinees is geboren in het lichaam van een zingende zaag, de Zuid-Koreaan imiteert alle soorten muziek, zolang het maar niets te maken heeft met de propagandistische jankmuziek van hun noorderburen en de Amerikaan is het liefst wit en speelt met het zwarte geluid zoals duizenden dj’s uit Nederland graag spelen met de computer waar zo-waar ook ritmes uit te halen zijn.
straatbeeld ny met foto elvisHet is niet de waarheid. Tenminste niet de enige. Minstens niet. Er zijn heel veel negatieve zaken te melden over de Verenigde Staten. Waar toch? De Amerikaan is dol op countrymuziek, enzovoort. De Amerikaan heeft zijn omgeving zo groot mogelijk gemaakt en voorzien van zoveel techniek dat zijn leven voorgoed is ontbeend van privacy en inhoud. Maar doen we dat niet allemaal en is het alleen maar slecht dan?
De Elvis in ons zelf
bewerkt checkin elvis 1956
U zou denken van niet, want u heeft West-Europese smaak en enig besef van onze culturele geschiedenis, waarvan de grote klassiekers op het gebied van muziek, dichtkunst en theater in grote lijnen wel bij iedereen bekend zijn, minstens in het onderbewuste. Wat zouden wij nou kunnen leren van zo’n cultuurloze stormbaan in de vorm van een mens, de arm geboren plattelandsjongen Elvis Presley?
Heel veel, dunkt me.
Na een goede maand door Amerika te hebben gereisd – zowel echt, alsmede denkbeeldig – wil ik aanstonds de stelling innemen dat cultuur niet minder in de belangstelling staat als bij ons. Wellicht zelfs groter. Moeten wij ons niet de vraag stellen of onze interesse voor de cultuur daadwerkelijk zo groot is als wij ons van harte denken wijs te maken. Het land staat bol van de thematische festivals, waarvan menigeen ons doen krimpen van jaloezie, omdat wij nooit de artiesten, de kunstenaars of locatie in huis kunnen halen, die zij uit de spreekwoordelijke hoed toveren. Maar ook de duizenden muziekstraten in de steden en dorpen, die uitpuilen van stil talent, worden zeer gewaardeerd aldaar. Het natuurlijke karakter van al deze culturele uitspattingen, staan in schril contrast met de soms ongezonde aandacht voor de beeldvorming in plaats van de kwaliteit.
Ik ga u niet vermoeien met het idealiseren; er zal nog genoeg aandacht zijn voor de minder onberispelijke kanten van de Amerikaanse maatschappij.
Ook de Verenigde Staten bestaat uit mensen zoals wij, mensen met dezelfde tragiek, namelijk dat de grote meerderheid geen talent heeft om een substantiële bijdrage te leveren aan de cultuur voor het gehele land. Alleen de grootse geschiedenis, de pionierende inborst en de intimiderende afmetingen van het land hebben ertoe geleid dat schroom wat minder aanwezig is en onvermijdelijk tot meer Elvis leiden.